Vogelen in de Kennemerduinen: De Vogelplas en de Parnassiavallei

H
Hans de Groot
Ornitholoog & Senior Veldvogelaar
Locaties & Gebieden · 2026-02-15 · 6 min leestijd

Stel je voor: je staat in de duinen, de wind waait zachtjes door je haren en je hebt je verrekijker paraat. Vlakbij het rumoer van de stad ligt een paradijs voor vogelaars: de Kennemerduinen.

Binnen dit uitgestrekte gebied springen twee plekken eruit voor hun overvloed aan vogels: de Vogelplas en de Parnassiavallei.

Deze twee locaties zijn als een magneet voor zowel de beginnende vogelspotter als de doorgewinterde ornitholoog. Ze bieden elk een compleet andere wereld, maar zijn even fascinerend. Waar de ene plek draait om water en riet, draait de ander om open veld en bosranden.

Het is de perfecte bestemming om je passie voor de Nederlandse vogels te ontdekken of verder te ontwikkelen. Je hoeft echt geen expert te zijn om hier te genieten; een beetje nieuwsgierigheid en een beetje geduld zijn al genoeg.

Waarom juist deze twee plekken?

De combinatie van de Vogelplas en de Parnassiavallei maakt de Kennemerduinen zo uniek. Je hebt in feite twee werelden op steenworp afstand van elkaar.

De Vogelplas is typisch een watergebied. Denk aan plassen, rietkragen en moeras. Dit is de plek waar je de typische water- en moerasvogels vindt.

De Parnassiavallei is juist een droog duinvallei met open graslanden, struweel en enkele bospercelen.

Dit trekt weer compleet andere soorten aan, van roofvogels tot zangvogels. Waarom is dit belangrijk? Omdat het je een breed beeld geeft.

Je leert in één ochtend het verschil tussen een eend en een graspieper te herkennen. De diversiteit is enorm.

Je kunt hier het hele jaar door terecht. In de winter trekken de smienten en tafeleenden hier naartoe, in het voorjaar hoor je overal de zang van de tjiftjaf en de fitis.

En als je mazzel hebt, spot je in de Parnassiavallei een van de schuwe roofvogels die op jacht zijn.

De Vogelplas: een waterparadijs

De Vogelplas is het waterhart van het gebied. Als je hier aankomt, valt direct de openheid op.

Je kijkt uit over een grote plas water, omzoomd door brede rietkragen en moerasgebieden. Dit is de ideale plek om te oefenen met je verrekijker. Door het open water kun je makkelijk over de vogels heen kijken.

Ze zitten vaak niet verstopt, maar dobberen rustig voor je uit. Je kunt hier makkelijk een paar uur blijven staan zonder je te vervelen.

Wat vind je hier zoal? In de winter is het hier een drukte van jewelste met eenden.

Zoek naar de kleurige smienten met hun groene koppen, de wilde eenden en de grote zaagbekken. Als het echt koud is, kun je hier ook wel eens een ijsvogel spotten, die vanaf een takje over het water tuurt. In het voorjaar en de zomer broeden er vogels in het riet, zoals de rietzanger en de kleine karekiet. Hun zang is prachtig, maar ze zijn goed verstopt. Luister vooral goed!

Een handige tip: loop niet alleen langs de kant van de plas, maar volg ook het wandelpad eromheen. Bij de oversteek naar het naastgelegen gebied, ideaal voor vogelen in de duinen van Heemskerk, zitten watervogels vaak dichter bij de kant.

Ook de oevers aan de westkant zijn vaak productief. Neem de tijd, zoek net als bij de vogelkijkhutten van de Ennemaborg een rustig plekje en laat de vogels naar jou komen. Je zult versteld staan wat je allemaal ziet.

De Parnassiavallei: droog en open

Als je de Vogelplas achter je laat en de heuvel overgaat, kom je in de Parnassiavallei. De sfeer verandert direct.

Het is hier droger, opener en zonniger. Je vindt hier graslanden, struweel en enkele oude eiken. Dit is een typisch duinvallei-landschap.

Het is de plek waar je de vogels hoort zingen boven je hoofd of ziet vliegen over de open veldjes.

De Parnassiavallei is vernoemd naar de parnassia, een zeldzame plant die hier groeit, maar voor vogelaars is het vooral een toplocatie voor bos- en weilandvogels. Hier voelen andere vogels zich thuis. Zoek naar de graspieper die boven het grasveld zweeft of de veldleeuwerik die hoger in de lucht zingt. In de struiken en heggen zitten talloze zangvogels, zoals de merel, de zanglijster en de heggenmus.

De Parnassiavallei is ook de plek waar je de grotere vogels tegenkomt. Een buizerd die rustig boven het veld zweeft op zoek naar prooi is geen uitzondering.

En met een beetje geluk en geduld spot je hier de torenvalk, die stil hangt in de lucht. De Parnassiavallei vraagt om een andere aanpak dan de Vogelplas. Je moet hier meer bewegen.

Volg de paden door het gras en langs de bosranden. Let op beweging in de struiken.

Soms is het stil, en dan hoor je opeens weer een drukte van jewelste. Dit is ook de plek om te genieten van de lente, wanneer alle vogels hun mooiste zang ten gehore brengen.

Wat je nodig hebt: je uitrusting

Je hoeft niet meteen de duurste spullen te kopen, maar een beetje kwaliteit maakt het vogelen veel leuker. Een goede verrekijker is essentieel. Voor de Vogelplas is een vergroting van 8x42 of 10x42 ideaal.

Je hebt een beetje licht nodig bij bewolkt weer en de 8x vergroting is stabiel genoeg om rustig te kijken.

Merken als Nikon of Swarovski zijn top, maar er zijn ook betaalbare opties van Bynolyt of Delta Optical. Reken op een bedrag tussen de €150 en €400 voor een fatsoenlijke instapverrekijker.

Voor de Parnassiavallei kan een verrekijker met een iets hogere vergroting (10x) fijn zijn, om vogels op afstand te bekijken. Als je echt serieus bent, kun je ook een telescoop overwegen. Vooral op de Vogelplas is een telescoop fantastisch.

Je ziet dan details die met een verrekijker onmogelijk zijn. Een basisstatief en een spotting scope van merken als Kowa of Bynolyt kosten al snel vanaf €800 tot €2000.

Een telescoop is voor de beginner niet direct nodig, maar wel iets om over te dromen. Naast je kijker zijn goede schoenen onmisbaar. Je loopt veel en de ondergrond kan ongelijk zijn. Een wandelstok kan helpen bij het lopen door het mulle zand.

Neem een verrekijkerriem mee, zodat je je kijker niet de hele tijd in de hand hoeft te houden. En vergeet je vogelgids niet, of download een app zoals die van de Vogelbescherming of de 'BirdNET' app om vogelgeluiden te herkennen.

Praktische tips voor je bezoek

De Vogelplas en de Parnassiavallei zijn makkelijk te bereiken vanaf station Haarlem of Beverwijk. Vanaf daar is het ongeveer 15 tot 20 minuten lopen.

Je kunt ook de auto parkeren bij de parkeerplaats aan de Zeeweg (tegenover het duinreservaat).

Vanaf daar loop je zo het gebied in. Houd er rekening mee dat het in het weekend en op mooie dagen druk kan zijn met wandelaars. Vroeg in de ochtend is het niet alleen het rustigst, maar zijn de vogels ook het actiefst.

Timing is alles. In de winter (november-februari) is het waterrijkste leven bij de Vogelplas. In het voorjaar (april-juni) barst het van het zang- en broedgedrag in beide gebieden, maar vooral in de Parnassiavallei. In de zomer is het vaak iets stiller, maar zijn de jonge vogels te vinden.

In het najaar (september-oktober) is de trek van vogels naar het zuiden gaande en kun je soms grote groepen vogels zien.

Een laatste tip: wees stil en geduldig. Ga niet rennen van de ene naar de andere plek.

Zoek een mooi plekje, bijvoorbeeld op een bankje bij de Vogelplas of aan de rand van een weiland in de Parnassiavallei, en wacht af. Neem de omgeving in je op. Kijk niet alleen naar de vogels, maar ook naar wat ze doen.

Waar zoeken ze voedsel? Waar zingen ze? Zo leer je niet alleen welke vogel het is, maar ook hoe hij leeft.

Dat maakt vogelen pas echt leuk.

Volgende stap
Lees het complete overzicht
Mooiste vogelkijkgebieden in Friesland: Een overzicht per regio →
H
Over Hans de Groot

Hans is ornitholoog en veldvogelaar met meer dan 30 jaar ervaring. Hij heeft in 45 landen gevogeld en meer dan 2.800 soorten gespot. Hij schrijft voor Limosa, het tijdschrift voor de Nederlandse Ornithologische Unie.