Kleine Alk na een storm: Waar vind je deze 'vliegende pinguïns' aan de kust?
Een fikse herfststorm, de zee kookt en de wind giert om de hoek van je huis.
De dag erna is het weer rustig, maar er hangt iets in de lucht. Voor de echte vogelaar is het wachten op iets speciaals. Je pakt je verrekijker, trekt je warmste jas aan en rijdt naar de kust.
Want na zo'n storm is de kans groot dat je ze ziet: de Kleine Alken. Ze worden de 'vliegende pinguïns' van de Noordzee genoemd, en als je ze eenmaal hebt gezien, vergeet je ze nooit meer.
Wie is die Kleine Alk eigenlijk?
Stel je voor: een klein, compact vogeltje, zo groot als een kauw, maar dan in een strak zwart-wit pak. Zwart op de rug, sneeuwwit op de buik.
Hij ziet eruit als een monnik in een pij, vandaar de Engelse naam 'Little Auk'.
In het broedseizoen heeft hij een sierlijke witte veer boven zijn oog, die als een wenkbrauw omhoog staat. Zijn snavel is kort, dik en zwart. In de broedtijd is die snavel oranjegeel met een witte punt.
Dat maakt hem herkenbaar. De Kleine Alk is een echte zeevogel. Hij voelt zich thuis op de ruige golven van de Noordzee en het Groenlandse zeestroompje dat 'de Westelijke Stormvogel' wordt genoemd. Hij is een duiker. Een goeie ook.
Hij jaagt op kleine kreeftachtigen en visjes, die hij tot 50 meter diep onder water kan vangen.
Zijn vleugels zijn klein en moeten hard werken. Hij klappert en flappert.
Dat geeft hem die bijnaam 'vliegende pinguïn'. Hij vliegt niet zo sierlijk als een meeuw, maar het is een stoer, doelgericht gewoel. In Nederland is hij geen broedvogel.
Nee, zijn broedgebied ligt veel noordelijker: op de eilanden van Spitsbergen, IJsland en Groenland.
In de winter trekt hij massaal naar het zuiden, op zoek naar open water. En dat is precies waarom storm zo belangrijk voor hem is. Zolang de zee niet dichtvriest, kunnen ze blijven eten. Maar als het stormt, worden ze van hun koers geblazen en belanden ze verzwakt aan onze kust.
De storm als gids: Waar en wanneer?
Het is eenvoudiger dan je denkt. Je hoeft niet naar de poolcirkel.
De Kleine Alk komt naar jou toe, als het even tegenzit voor hem. De beste tijd? Van half oktober tot en met maart. Als er een stevige noord- of noordwestenwind heeft gestaan, die de golven flink heeft opgejaagd, kun je de Kleine Alk na een storm verwachten.
De vogels worden dan van hun normlijke route afgedreven en spoelen uit, net zoals de sijsjes in de winter elders beschutting zoeken.
Waar moet je zijn? De Waddeneilanden zijn de nummer 1 hotspot. Vooral Texel, Vlieland en Terschelling zijn legendarisch. De vogels zoeken de beschutting van de stranden en de zeearmen op.
Op Texel is het strand bij De Cocksdorp en de zuidpunt van het eiland een geliefde plek. Op Vlieland kun je ze vaak vinden bij de Vliehors, aan de westkant.
Kijk vooral op de plekken waar de branding wild is, maar waar ze even kunnen uitrusten. De Hollandse kust is ook een goede optie. Ga naar de pier van Scheveningen of het strand bij Katwijk.
De vogels zoeken vaak de beschutting op van de golfbrekers of drijven in de branding.
Let op: ze zijn vaak moe en uitgeput. Ze zitten dan op het water of op het zand, en vliegen niet meteen op. Dat maakt het makkelijker om ze te zien, maar het is ook een teken dat ze hulp nodig hebben.
Zie je er een op het strand? Blijf op afstand en bel de dierenambulance als hij er echt slecht aan toe is.
Herkenning: Zo spot je ze
Je staat op het strand, wind in de haren, verrekijker aan je ogen. Wat nu? De Kleine Alk is klein en donker. Van veraf lijkt hij soms op een meeuw of een stormvogeltje op open water, maar als je beter kijkt, valt alles op z'n plek.
Een handige tip: kijk niet alleen naar de vogel, maar ook naar het gedrag van andere vogels.
- Formaat: Zo groot als een kauw of een duif. Kleiner dan een Jan van Gent.
- Kleuren: Heel simpel. Helemaal zwart op de rug, en felwit op de buik. Van boven zie je geen tekening, van onder zie je een scherp contrast.
- Vlucht: De typische 'klapperende' vlucht. Snelle vleugelslag, dan even glijden. Zijn vleugels zijn kort en breed, waardoor hij een wat 'blokige' indruk maakt.
- Gedrag: Ze duiken graag. Als ze opvliegen, doen ze dat met een snelle, lage vlucht net boven het wateroppervlak.
Zitten er meeuwen te schreeuwen en duiken? Grote kans dat er iets interessants is.
De Kleine Alk wordt vaak door meeuwen lastiggevallen, die proberen hem zijn prooi af te nemen. Dat maakt ze makkelijker te vinden.
De Kleine Alk is de ultieme beloning voor de vogelaar die het koude strand opzoekt na een storm. Hij is geen dagvogel, maar een stormvogel.
Uitrusting: Wat heb je nodig?
Je hoeft niet meteen een vermogen uit te geven, maar goede spullen helpen wel. Vooral omdat het vaak koud en winderig is.
Een verrekijker is essentieel. Kies voor een compact model dat licht is en makkelijk in je jas past.
De Zeiss Victory Pocket 8x42 (rond €1200) is een topper. Hij is waterdicht, heeft een helder beeld en ligt fijn in de hand. Voor wie minder wil uitgeven: de Vortex Diamondback HD 8x42 (rond €300) is een prima budgetkeuze.
Je wilt minimaal 8x vergroting. Meer is niet altijd beter op zee, want dan trilt het beeld te veel. Een telescoop is ideaal om de vogel op afstand te bekijken zonder hem te verstoren. Een Kowa TSN-883 met een 25-60x oculair (rond €1800) is een professionele keuze. Wil je goedkoper?
De Meopta MeoStar S2 82 (rond €1000) is een uitstekende middenmoter. Zorg voor een stabiel statief, want de wind waait je scope omver als je hem niet goed vasthoudt.
Verder: warme kleding. Een goede winddichte jas is cruciaal.
Een warme muts en handschoenen. En vergeet je schoenen niet: laarzen die waterdicht zijn tot halverwege je kuit. Je staat vaak in het natte zand of in de branding.
Praktische tips voor de beste ervaring
Het draait allemaal om timing en locatie. Hieronder een paar concrete tips om je kansen te maximaliseren.
- Check het weerbericht. Vooral de windsterkte en de richting. Noordwestenwind is top. Zuidenwind is minder.
- Let op het tij. Laagwater is vaak het beste moment. De vogels zoeken dan de ondiepe plassen op om te rusten.
- Gebruik een app. Apps als 'BirdNET' of 'Observado' helpen bij het determineren. Maar vertrouw vooral op je eigen ogen.
- Blijf op afstand. De Kleine Alk is een kwetsbare soort. Gebruik je verrekijker of telescoop om hem te bekijken, niet je voeten.
- Zoek beschutting. Ga achter een duin of een golfbreker staan om de ergste wind te ontwijken. Zo blijft je verrekijker stiller staan.
Als je een Kleine Alk vindt, geniet ervan. Dit is geen alledaagse vogel. Het is een stukje wildernis dat via de storm bij ons is beland. Dus pak je kijker, trek je laarzen aan en ga op pad. De 'vliegende pinguïns' wachten op je.