De vogelgebieden van IJsselmonde: De Crezéepolder en de Ridderkerkse Griend

H
Hans de Groot
Ornitholoog & Senior Veldvogelaar
Locaties & Gebieden · 2026-02-15 · 6 min leestijd

Stap je even mee naar de rand van Rotterdam? Even de stad uit, de polder in.

Op het eiland IJsselmonde, omringd door rivieren en industrie, vind je twee pareltjes die elke vogelaar zou moeten kennen. Het is alsof je een geheime tuin ontdekt midden in een drukke wijk. Je staat daar in de Crezéepolder en de Ridderkerkse Griend en je hoort alleen maar riet, wind en gefladder.

Dit is waar de echte magie gebeurt, met een verrekijker op je neus en je hartslag die een beetje sneller gaat van die ene zeldzame eend. Je hoeft niet naar de Waddeneilanden voor topnatuur.

Soms ligt het gewoon hier, op een halfuurtje fietsen. De Crezéepolder en de Ridderkerkse Griend vormen samen een uniek mozaïek van rietvelden, wilgenbosjes en open water.

Het is een van de weinige plekken in de Rotterdamse regio waar je echt het gevoel hebt dat je in de wildernis bent beland. En dat terwijl de A15 op steenworp afstand ligt.

Waarom deze plek zo bijzonder is

Stel je voor: je loopt over een smal pad, aan je linkerkant het water van de Oude Maas, aan je rechterkant een rietkraag van wel drie meter hoog. Dit is het territorium van de Bosrietzanger en de Karekiet. In de winter verandert het gebied in een warm onthaal voor duizenden ganzen en eenden die hier schuilen voor de kou.

Het is een cruciale stopover op de vogeltrek, maar ook een vaste verblijfplaats voor veel soorten.

Het unieke aan dit gebied is de combinatie van water en bos. De Ridderkerkse Griend is een oud wilgenbos, een zogenaamd griend, dat traditioneel werd gebruikt voor de productie van wilgentenen.

Tegenwoordig is het een paradijs voor de Bosrietzanger en de Grote Bonte Specht. De Crezéepolder daarentegen is meer open, een typisch weide- en rietgebied. Samen bieden ze alles wat een vogel nodig heeft: voedsel, beschutting en rust. Voor jou als vogelaar betekent dat: een enorme variatie in één wandeling.

De kern: Wat je kunt verwachten

Zoals gezegd bestaat het gebied uit twee delen. De Crezéepolder is je startpunt.

Als je vanuit de Ridderkerkse Dorpsstraat het gebied inloopt, sta je direct in een open polderlandschap. Net als bij het vogels kijken in de polder Breebaart moet je hier goed letten op de weidevogels. In het voorjaar broeden hier de Grutto, de Tureluur en de Kievit.

Je hoort ze al van verre, die kenmerkende roep van de Grutto die over de weilanden galmt.

Houd je verrekijker (een 8x42 is ideaal voor deze omstandigheden) scherp op de weilanden. Soms zie je een groepje Scholeksters foerageren op de kale stukken grond. Net als in de vogelgebieden van de Oeverlanden verandert het landschap drastisch zodra je verder loopt.

De openheid maakt plaats voor een dicht begroeid bos. De paden worden smaller en je wordt omringd door hoge wilgen.

Dit is het domein van de zangvogels, net als in de vogelgebieden van Tholen.

In de lente is het hier een kakofonie van geluiden. Je hoort de Houtduif, de Merel, de Zanglijster en dan... die ene, die je even de adem beneemt: de Bosrietzanger. Een klein, bruin vogeltje dat een prachtig, ritmisch liedje zingt. Als je geluk hebt, zie je hem hoog in de boomtoppen zitten, maar meestal hoor je hem eerder dan dat je hem ziet.

En dan is er nog het water. De Oude Maas stroomt langs het gebied.

Vanaf de kade kun je uitkijken naar de futen, de meerkoeten en de Aalscholvers die op een paal zitten te drogen. In de wintermaanden is het hier een spektakel. Het water staat vol met smienten, tafeleenden en soms een groepje nonnetjes. Met een telescoop, bijvoorbeeld een Swarovski ATX 85 of een degelijke spotting scope van Kowa, kun je uren kijken naar al die verschillende soorten.

Soorten die je kunt tegenkomen: Een overzicht

Om je een idee te geven, hier een lijstje van wat er zoal te zien is. Dit is niet exhaustief, maar het zijn de soorten waar je op kunt hopen.

Een speciale vermelding voor de ijsvogel. Hoewel hij schuw is, broedt hij hier wel.

Als je mazzel hebt en op een koude winterochtend vroeg bent, kun je hem zien schieten over het water, een blauwe flits. Zorg dat je camera klaarligt, want je hebt maar een seconde de tijd.

Praktische tips voor je bezoek

Om het meeste uit je bezoek te halen, zijn er een paar dingen die je kunt doen. Dit is geen uitgestrekt nationaal park, dus je kunt het makkelijk in een middag doen.

  1. Timing is alles. Voor vogels kijken geldt: vroeg opstaan is het beste. De eerste uren na zonsopkomst zijn de vogels het actiefst en het licht is het mooist. In de lente (april-mei) is het een concert van zang, in de winter (november-februari) is het een spektakel van duizenden vogels.
  2. Neem de juiste spullen mee. Een verrekijker is essentieel. Een 8x42 of 10x42 is perfect. Wil je de vogels in het riet of op het water goed bekijken? Overweeg dan een spotting scope. Een statief is dan wel handig. Verder: een vogelgids voor Nederland (zoals die van de KNNV), een notitieboekje om soorten bij te houden, en een warme jas. Het kan er flink waaien.
  3. Verplaats je langzaam. De vogels zijn hier wel wat mensen gewend, maar schrikken wel van snelle bewegingen. Loop rustig, blijf staan als je iets interessants ziet en probeer niet te dichtbij te komen. De vogels laten je vanzelf weten of je te ver gaat door alarm te slaan.
  4. Check de getijden. Dit klinkt gek, maar het waterpeil bepaalt wat er te zien is. Bij laag water komen de scholeksters en de grutto's op de slikranden foerageren. Bij hoog water zitten ze veilig op de kade of in de weilanden. Je vindt deze info makkelijk online.
  5. Combineer het. De Crezéepolder en Ridderkerkse Griend zijn makkelijk te combineren met een bezoek aan de Heinenoordpolder (aan de andere kant van de Maas) of de Oude Maas bij Barendrecht. Zo maak je er een complete vogeldag van.

Maar met de juiste voorbereiding wordt het veel leuker. Veel plezier daar aan de rand van de rivier.

Vergeet niet om af en toe je kijker even weg te leggen en gewoon te genieten van het geluid van het riet en het leven om je heen. Dat is uiteindelijk waar het allemaal om draait.

Volgende stap
Lees het complete overzicht
Mooiste vogelkijkgebieden in Friesland: Een overzicht per regio →
H
Over Hans de Groot

Hans is ornitholoog en veldvogelaar met meer dan 30 jaar ervaring. Hij heeft in 45 landen gevogeld en meer dan 2.800 soorten gespot. Hij schrijft voor Limosa, het tijdschrift voor de Nederlandse Ornithologische Unie.